Van risk management tot waarderecreatie

20 dec 2007

Globalisering stelt bedrijven voor nieuwe risico’s en uitdagingen. Bedrijfsschandalen, cultuurverschillen en de toenemende aandacht voor het milieu zorgen voor heel wat druk bij organisaties om maatschappelijk verantwoord te ondernemen en een duurzaam beleid te voeren. Duurzaam ondernemen creëert echter ook nieuwe opportuniteiten en stimuleert innovatie. We hadden een gesprek met Céline Louche en vroegen naar haar mening over de laatste ontwikkelingen.

Maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) is langzaamaan een ingeburgerd concept, maar in welke mate liggen bedrijfsleiders er ook wakker van?

Prof. Céline Louche: “Uit vele onderzoeken blijkt dat vandaag meer dan 80% van de investeerders en de senior managers er van overtuigd zijn dat MVO belangrijk is. Ik denk dat we geëvolueerd zijn van de vraag “Is MVO belangrijk?”, naar “Hoe breng je MVO in praktijk?”. In de meeste grote bedrijven vandaag zie je betrokkenheid bij thema’s als MVO en duurzaamheid. De uitdaging is nu om MVO te organiseren, toe te passen en te integreren als een deel van de bedrijfsactiviteiten en nog belangrijker als onderdeel van de bedrijfsstrategie.”

“De Engelse term ‘corporate social responsibility (CSR)’ slaat vooral op grote bedrijven, maar MVO is ook belangrijk voor KMO’s. Zo’n 99% van de Europese bedrijven zijn KMO’s, goed voor zo’n 55% van de banen in de privésector en ongeveer 80% van de werkgelegenheid in sommige industriële sectoren als textiel, de bouw en de meubelmakerij. Maar ze zijn ook verantwoordelijk voor zo’n 60 tot 70% van alle industriële vervuiling in Europa en hebben dus een belangrijke impact op de maatschappij en het milieu. Natuurlijk is het een belangrijk punt voor alle organisaties, niet alleen voor bedrijven, maar ook voor een managementschool zoals de onze, voor ngo’s, voor overheidsdepartementen, enz. MVO gaat over de algemene rol van een organisatie in de maatschappij en haar bijdrage tot duurzame ontwikkeling. In ‘Tomorrow’s Global Company’ (juni 2007) werd een verantwoordelijk bedrijf of organisatie gedefinieerd als ‘bedrijven of organisaties die in hun doelstelling en strategie een engagement hebben ingebouwd om duurzame waarde toe te voegen aan zowel de maatschappij in het algemeen als aan de aandeelhouders. De activiteiten van het bedrijf zijn open en transparant, gebaseerd op ethische waarden en met respect voor de werknemers, gemeenschappen en het milieu.’ De manier waarop dit kan bereikt worden, is misschien anders voor grote bedrijven dan voor KMO’s. Het klopt dat vele MVO-tools ontwikkeld zijn voor grote organisaties en dat is zeker iets waarover we moeten nadenken. Alle aan MVO gelinkte certificaten, zijn duur en vergen een lang procedure waarvoor KMO’s niet de middelen hebben, maar dat maakt MVO zeker niet minder belangrijk voor hen.”

De wettelijke bepalingen voor bedrijven dekken al een aantal MVO-aspecten, bijvoorbeeld milieunormen en sociale wetgeving. Wanneer spreken we over MVO?

“De Europese Commissie definieert MVO als alle initiatieven die verder gaan dan de wetgeving. Niet evident, want de reguleringen verschillen van land tot land, wat de perceptie van MVO subjectief maakt. Er zijn ook steeds meer wettelijke bepalingen, niet zozeer voor MVO in het algemeen, maar voor bepaalde aspecten ervan zoals het milieu, bijvoorbeeld de CO2-uitstootnormen. Daardoor wordt het almaar moeilijker om verder te gaan dan de wet oplegt, vooral voor KMO’s.”

Is de wet naleven niet voldoende?

“De sociale druk van stakeholdergroepen - zoals consumenten, ngo’s en de media - is groot. Ze verwachten steeds meer van bedrijven, vooral in West-Europa, veel meer dan de wet vereist. Toch zien bedrijven ook opportuniteiten in MVO, omdat het hen een competitief voordeel kan opleveren. Momenteel zien we dat MVO bij steeds meer bedrijven verschuift van risicomanagement of kostenbesparing naar waardecreatie en innovatie. Bedrijven hoeven MVO ook niet te zien als een manier, of tenminste niet als de enige manier, om schandalen of risico’s te voorkomen, maar wel om nieuwe mogelijkheden te creëren en innovatie te stimuleren. Ook veel KMO’s kunnen daaruit voordeel halen. De nieuwe opportuniteiten kunnen heel divers zijn. Het kan gaan om product- of diensteninnovatie, zoals de hybride wagen van Toyota of het aansnijden van een nieuwe nichemarkt zoals Ecover. Maar we kunnen ook denken aan nieuwe businessmodellen, nieuwe organisatorische en institutionele systemen en structuren. Het Amerikaanse bedrijf Interface bijvoorbeeld, maakte vroeger tapijten. De CEO was heel milieubewust en de productie van tapijten heeft een heel negatieve impact op het milieu, omdat er veel grondstoffen en verontreinigende stoffen worden gebruikt. Interface heeft vervolgens zijn bedrijfsfilosofie herzien en alle productiesystemen en –processen omgeschakeld en afgestemd op tapijtenlease in plaats van tapijtenverkoop. Tegen 2020 wil het bedrijf zijn koolstofvoetafdruk tot nul herleiden.”

Hoe implementeert een bedrijf MVO? Zijn er hulpmiddelen voorhanden?

“De uitdaging is om de juiste cultuur en waarden in het bedrijf binnen te brengen en aan te moedigen. Er zijn verschillende certificaten. SA 8000 bijvoorbeeld is een certificaat gericht op mensenrechten en werkomstandigheden. Onafhankelijke auditoren controleren of een bedrijf zich aan bepaalde regels houdt en geven advies. Zo helpen ze het bedrijf om bepaalde internationale standaarden in te voeren. Veel bedrijven stellen nu ook een ethische gedragscode op. Die code kan gezien worden als een hulpmiddel om binnen het bedrijf ethisch verantwoord gedrag te ontwikkelen. Er zijn ethische codes op bedrijfs- of sectorniveau. Bedrijven uit de elektronicasector bijvoorbeeld kunnen volledig vrijwillig de Electronic Industry Code of Conduct (EICC), een gedragscode, tekenen. Daarin zijn een aantal regels opgesteld, meestal over mensenrechten, het milieu, werknemers, klanten enzovoort. Er zijn ook ethische codes op groepsniveau, die betrekking hebben op alle bedrijven, zoals de UN Global Compact. Zowat 4000 organisaties, waarvan 3000 bedrijven en 1000 non-profit organisaties zoals ngo’s en vakbonden, hebben de tien principes onderschreven. De UN Global Compact steunt op internationale verdragen die geratificeerd zijn door regeringen en een breed draagvlak hebben. Bedrijven die het ondertekenen, verbinden zich ertoe die tien principes te hanteren, te ondersteunen en uit te voeren binnen hun eigen invloedssfeer. Jaarlijks moeten bedrijven een Communication of Progress voorleggen, zoniet komen ze op een ‘zwarte lijst’ terecht. Het is echter moeilijk om ethisch gedrag te controleren en er is dikwijls geen controlesysteem voorhanden. Daarom maken certificaten zo’n groot verschil. Een onafhankelijke auditor gaat dan regelmatig op pad om na te gaan of een bedrijf in aanmerking komt voor het certificaat. Naast SA 8000 zijn er nog andere normen zoals ISO 14001 en AA 1000. Tegen 2008 hopen we de ISO 26000 voor MVO klaar te hebben.”

Kan je MVO aanleren?

“Ik zou de vraag anders willen formuleren, en de nadruk leggen op de vaardigheden en competenties die nodig zijn voor MVO. Persoonlijk vind ik systemisch denken een van de belangrijkste vaardigheden, waarbij je de zakenwereld als een deel van een groter geheel bekijkt. Systemisch denken omvat kritisch en creatief denken om innovatie te stimuleren, zich mogelijkheden voor te stellen en nieuwe, voorlopig onbekende oplossingen te vinden. Ik probeer de studenten van mijn Master en MBA-opleiding niet te overtuigen dat MVO belangrijk is, maar probeer ze te laten nadenken over de rol van de bedrijfswereld in de maatschappij. Je moet het grotere plaatje bekijken en niet alleen focussen op één bedrijf omdat het een invloed heeft op de rest van het systeem. Ik weet niet of je die vaardigheden kan leren, maar volgens mij zou het verkeerd zijn alles te herleiden tot hulpmiddelen. MVO-tools en -technieken zijn nodig, maar we moeten de voordelen ervan niet overdrijven. Het is onrealistisch te suggereren dat het ethisch probleem van een organisatie opgelost wordt met een gedragscode of een ander hulpmiddel en bovendien zal dat enkel scepticisme scheppen. Tools kunnen niet meer dan een instrument zijn om MVO te implementeren. Tools leiden dikwijls tot de gedachte dat je met iets bezig bent en je er niet verder over hoeft na te denken. Ik zou MVO eerder beschouwen als een manier om verder dan de regels te kijken, verder dan de dagdagelijkse realiteit.

Welk wetenschappelijk onderzoek wordt er momenteel verricht naar MVO ?

“Het is heel belangrijk dat de aandacht verschoven is van waarde beschermen, naar waarde creëren. Hoe kunnen we waarde creëren en MVO linken aan innovatie? Bij MVO moet je niet alleen de risico’s weten te vermijden, je moet MVO ook bekijken vanuit een strategisch standpunt. We moeten innoveren om duurzaam te kunnen ondernemen en om onze huidige productie- en consumptiepatronen te veranderen. Een bedrijf kan een motor van verandering zijn door zijn uniek vermogen om te innoveren.”

“Een ander onderzoeksdomein zijn partnerships. Veel bedrijven willen duurzaam ondernemen, maar ik denk niet dat het de juiste benadering is om op één bedrijf te focussen. Een bedrijf mag dan misschien duurzaam zijn op een bepaald niveau, maar hoe zit het met de rest van het systeem? Dat kan belangrijk zijn voor het onderzoek. Onze hele maatschappij moet evolueren naar duurzaamheid, een bedrijf kan dat niet alleen. Het is een collectieve maatschappelijke verantwoordelijkheid waarbij partnerships en samenwerking belangrijk zijn. Veel studies richten zich op het verband tussen de sociale en de milieuprestaties aan de ene kant en de financiële prestaties van bedrijven aan de andere kant, maar ik denk dat dat verkeerd is. Deze benadering houdt geen rekening met de hele keten. Het is veel interessanter om de hele levenscyclus te analyseren, van het begin tot het einde. De impact van die levenscyclus kan je niet linken aan de financiële prestaties van één enkel bedrijf en daarom moet het analyseniveau worden veranderd.”

“Twee andere dimensies die doorslaggevend zijn voor het onderzoek overstijgen disciplines en niveaus binnen een bedrijf. MVO brengt verschillende disciplines samen: management, maar ook fundamentele disciplines zoals sociologie, politieke wetenschappen, engineering, enz. Zo pakt ook onze School het aan. Het is belangrijk om samen te werken op verschillende niveaus. Dat kan op individueel niveau, maar ook op meso- en op macroniveau. Voor het onderzoek zijn die niveaus heel belangrijk.”

“Er zijn ook nog andere domeinen die we willen onderzoeken, bijvoorbeeld de uitgebreide supply chain die steeds verder uitbreidt door globalisering. Je hebt te maken met verschillende landen, verschillende wetgevingen, verschillende waarden en normen en die maken het er niet gemakkelijker op. Elk land gaat anders om met bijvoorbeeld corruptie. Welke minimumvoorwaarden moet een bedrijf stellen? Bedrijven kunnen hier een belangrijke invloed op uitoefenen. Een ander belangrijk onderzoeksdomein is de meting. We werken momenteel samen met de managementscholen van Cranfield en Bocconi aan een onderzoeksproject om niet-financiële matrices te ontwikkelen en daarmee de betekenis van succes te veranderen door het belang van de maatschappij en het milieu aan de definitie toe te voegen.”

En tot slot: wat is de rol van een managementschool?

“Business-scholen helpen en stimuleren in het algemeen bedrijven om duurzaam te ondernemen door studenten op te leiden en onderzoek te verrichten. Ze bepalen de concepten en het onderzoek ernaar en leggen de link tussen het onderzoek en de  bedrijfswereld. Bij Vlerick vinden we integratie of het gedeeltelijk integreren belangrijk. In de Master- en MBA-programma’s volgen alle studenten ‘MVO en bedrijfsethiek’ als apart vak. Maar MVO is ook geïntegreerd in andere vakken zoals marketing en strategie. Je kan MVO niet zien als een bijvak. Trouwens bedrijven moeten zoeken naar een manier om MVO te integreren,en zich bijvoorbeeld afvragen of er een link is tussen marketing en MVO? Als er maar enkele mensen specifiek met MVO bezig zijn, hoe kunnen de waarden van je bedrijf dan overeenstemmen met wat je eigenlijk doet?” 

“In het Vlerick Business in Society Centre wordt er aan academisch en toegepast onderzoek gedaan, maar er zijn ook specifieke projecten met bedrijven. Enkele voorbeelden van onderzoeksdomeinen en –projecten zijn: stakeholder engagement, corporate governance en CSR, supply chain en CSR, merkwaarde en CSR en maatschappelijk verantwoord investeren.”

“Behalve in de opleiding en in het onderzoek willen we MVO ook integreren in onze School. Een CSR-team met twee subteams buigt zich over milieu- en maatschappelijke kwesties. Er zijn verschillende zaken die moeten aangepakt worden, zoals de toegang tot onderwijs. Dat is van vitaal belang voor elke managementschool en daarom is Vlerick ook medeoprichter van de Kofi Annan Business School Foundation.”

Orator magazine - December 2007